Het is al na middernacht als we landen op het vliegveld, vlakbij de camping in Longyearbyen, maar de middernachtszon schijnt nog volop. De volgende dag worden we met de boot afgezet aan de overzijde van het fjord waaraan ook Barentsburg ligt. Bij helder weer hebben we een fraai uitzicht op de bergen van 'Orcar II land' aan het brede Isfjord. 's Nachts houden we om de beurt de wacht om ons niet te laten verrassen door ijsberen. De komende twee dagen ronden we het Grønfjorden. Hierin monden de twee imposante gletsjers, Alegondabreen en Grønfjordbreane, uit. Via de Russische nederzetting Barentsburg, waar Willem Barents als eerste mens voet aan wal zette, trekken we in vijf dagen naar Longearbyen. Onderweg zullen we veel bijzondere zeevogels zien en ook de flora is, met name in het Björndal. Aan het einde van dit dal zijn we bijna weer in de bewoonde wereld. Na een rustdag beginnen we aan de tweede trektocht.
De tweede tocht is een elfdaagse trektocht vanuit Longyearbyen, die begint in het uitgestrekte Adventdalen. Voor ons doemt de indrukwekkende Rabotgletsjer op. Dit is één van de uitlopers van een immense ‘ijsvlakte’ die de naam Nordmanns Fonna draagt. Op weg naar het meest oostelijke punt van de tocht, steken we nog een uitloper van de ijsvlakte over en dalen af in Agardhdalen. Zij die wel eens aan wadlopen hebben gedaan, kunnen volop herinneringen ophalen, maar gelukkig vinden we onderweg voldoende droge kampeerplekken. Nadat we de Reindalspasset zijn gepasseerd, strekt het dal zich voor ons uit. Dit is het dal waar de kleine Svalbardrendieren grazen. Twee dagen hebben we nodig om bij het Tverrdal te komen om vervolgens terug te lopen naar Longyearbyen. De uitgestrektheid en de verlatenheid dragen bij tot een diep ontzag voor de krachten van de natuur.
