Deze wandeltocht wordt alleen in de maanden Oktober tot en met april georganiseerd. De temperaturen overdag zijn dan aangenaam: tussen de 16 en 25 graden. Kamelendrijvers die dit gebied als geen ander kennen, voeren ons van bijna blauw gekleurde zandvlaktes tot zachtroze zandheuvels, van met rotsen bezaaide kommen tot door de wind gevormde 'zandzeeën'. De wandelingen zijn niet moeilijk ondanks de oneffen rotsachtige bodem. We overnachten in oases met palmbomen of acacia´s, waar we in de nabijheid van een waterput ons tentenkamp opslaan. Misschien eten we wel 'pain de sable'; in gloeiend heet zand gebakken heerlijk vers brood, vreemd genoeg zonder zandkorrels. Vooral ´s nachts is de stilte van de uitgestrekte woestijn een onvergetelijke ervaring.
Na de vlakte van Mâider El Kebir volgt een nieuwe, uitgestrekte stenenwoestenij. Naarmate onze wandeltrektocht vordert, lijken de vlaktes steeds kleiner te worden. Een smalle doorgang, een komvormig dal en dan volgt er een lang pad langs een bergrug die doet denken aan een prehistorische brontosaurus. Vanaf de top zien we in de verte de roze gekleurde duinen van de Erg Chebbi, een van de hoogtepunten van deze tocht. De kleur verandert in de loop van de dag van oker naar rood. De stilte is bijna hoorbaar en het uitzicht is groots. Na een lange woestijntocht overnachten we in Merzouga waar we de lange, warme stralen van de ondergaande zon achter de enorme zandduinen zien verdwijnen
